“Hé, hebben jullie extra hypotheek aangevraagd? Terwijl Joost van plan is om zijn baan op te zeggen?”
 
De buurman vist een brief uit de stapel post op tafel en kijkt je verbaasd aan. De brief in zijn hand is van de bank en gericht aan jou en je man. Hij gaat over júllie financiën en júllie hypotheek.
 
Ik wed dat je razend zou zijn als dit echt gebeurde. Woest omdat de buurman ongevraagd jullie privacy schond. 
 
Waarom worden we dan níet razend als Google onze e-mail scant? De mail waarin je beste vriendin schrijft over haar relatieproblemen. De mail van een klant die een afspraak afzegt omdat haar man onverwacht in het ziekenhuis is opgenomen.

Verstrikt in de netten van Google

Net als miljoenen anderen, raak ik steeds dieper verstrikt in de netten van Google. 

Ik gebruik al jaren Gmail. Thuis heb ik een privé-account en mijn werkmail komt in een tweede account terecht. Ik gebruik Google Calendar als agenda en deel die met mijn man en met de co-working space waar ik werk. Ik navigeer op Google Maps, gebruik Analytics voor mijn website en sinds kort gebruik ik zelfs Google Drive en Google docs om met klanten in te werken. 

Maar het knaagt. 
Ik wéét toch dat er adders onder het gras zitten? 

Ondertussen verander ik niets. 
Iedereen gebruikt Google, het zal toch wel meevallen? 

“We’re making our loved ones vulnerable”

In december lees ik dit artikel van de Britse designer en privacy-activist Laura Kalbag. Het artikel is een pleidooi voor digitale privacy, autonomie en verantwoordelijkheid. Kalbag schrijft dat we niet met geld betalen voor mainstream tech, maar met onze privacy. En soms zelfs met beide. 

Tot zover lees ik niets nieuws. Ik knik instemmend en lees verder. Maar dan schrijft ze: “We’re not just making decisions about our own privacy. By using a script that sends site visitor information back to somebody else’s server, we’re making our visitors vulnerable. By using an email provider that extracts personal information from our emails, we’re making our contacts vulnerable. By uploading photos of our friends and families to platforms that create facial recognition databases, we’re making our loved ones vulnerable.” 

Boem. Die komt binnen. 

Ik wéét wel dat ik zuiniger zou moeten zijn op m’n privacy. Ik wéét dat ik er dieper in moet duiken en dat ik actie moet ondernemen. Maar mijn leven en werk kabbelen of stormen door en ik doe niets met dat knagende gevoel. 

Maar daarmee maak ik niet alleen een keuze over mijn eigen privacy. Ik beslis ook over de privacy van de mensen om me heen. 

Maar Google leest je mail toch niet meer? 

Google beloofde in 2017 inderdaad dat ze zouden stoppen met het scannen van je mail. Maar net als Facebook, zou Google Google niet zijn als we dat niet met een grote korrel zout moeten nemen. Zo geeft Google bijvoorbeeld honderden externe bedrijven toegang tot de inbox van miljoenen gebruikers. En daarbij is het ook nog maar de vraag of Google zelf écht is gestopt met meekijken. Met de nieuwe feature smart reply tikt Google grotendeels voor jou een bericht. Dat kan volgens Bits of Freedom alleen als je mail gescand wordt. Daarnaast zet Google automatisch bijvoorbeeld reistijden in je agenda en zet er een matchende afbeelding bij. Ook dat kan alleen als je mail gescand wordt. 

Bits of Freedom legt ook uit dat er een verschil zit tussen technische veiligheid en commerciële veiligheid. Een dienst als Gmail valt onder streng toezicht en heeft de veiligheid téchnisch goed geregeld. 

Maar op het gebied van commerciële veiligheid zit het anders. Google monitort je online gedrag als je ingelogd bent en dat ben je – net als ik – waarschijnlijk voortdurend. Google maakt profielen van al hun gebruikers op basis van hun gedrag en verzamelt voortdurend data. 

Algoritmes bepalen wie wat te zien krijgt

Mijn eigen privacy en de privacy van de mensen om me heen, zijn reden genoeg om te onderzoeken of en hoe ik los kan komen van Google. Maar privacy is niet de enige reden.

De informatie die Big Tech voortdurend verzamelt, gebruiken ze ook om algoritmes te ontwikkelen. En al kunnen algoritmes heel handig zijn, ze bepalen ook wie wat te zien krijgt. Ben je bijvoorbeeld een zwarte man? Dan krijg je iets anders te zien, dan wanneer je een witte vrouw bent. Algoritmes bepalen welke informatie je ontvangt en beïnvloeden daarmee je mening.

En steeds vaker nemen computeralgoritmes belangrijke beslissingen over burgers, consumenten en werknemers. Wie krijgt er een hypotheek? Welke sollicitanten komen door de eerste selectie? Hoeveel premie moet iemand voor de zorgverzekering betalen? In welke wijk gaat de politie extra controleren?

Er worden 24/7 data over ons verzameld en dat kan leiden tot bias, discriminatie en uitsluiting.

Via een post op LinkedIn ontmoet ik Manon den Dunnen, strategisch specialist digitale transformatie. Ze onderzoekt wat technologische ontwikkelingen voor de maatschappij kunnen betekenen. Den Dunnen zegt: “Het is niet transparant welke gegevens over je verzameld worden. En het is ook niet transparant hoe die vervolgens onderling gecombineerd worden tot een profiel dat bepaalt welke informatie en diensten jij wel of niet aangeboden krijgt en onder welke voorwaarden. Dus daar waar we in de fysieke wereld ons best doen discriminatie uit te bannen, slaat het via de digitale snelweg dubbel en dwars weer terug.”

We worden tot junkies gemaakt

Platformen als Google en Facebook proberen ons afhankelijk te maken. Door steeds meer gratis handige features te ontwikkelen, kom je steeds vaster te zitten in een bepaald ecosysteem. Zoals dealers mensen verslaafd aan en afhankelijk van drugs proberen te maken, zo probeert Big Tech ons afhankelijk te maken van hun eco-systemen.

Harvard-hoogleraar Shoshana Zuboff zegt daarover in Tegenlicht: “Je moet het gevoel krijgen dat je wordt bediend. Je wordt bedwelmd door gemak zodat je niets merkt, níet klaagt en geen vragen stelt.”

Dat verslaafd maken, gebeurt dus met succes. Iedereen heeft het gevoel niet meer zonder te kunnen. We zijn bang om het gemak en het vermaak te missen. Maar tegen welke prijs? Willen we dit wel echt? 

Was jij niet al eens gestopt met Facebook? 

Ruim twee jaar geleden stopte ik inderdaad met Facebook en kort daarna ook met Instagram en Whatsapp – ook producten van Facebook. Vooral Whatsapp voelde als een enorme stap. Ik was bang om van alles te missen maar ik wilde me los maken van een kolos wiens best betaalde mensen alles inzetten om ons verslaafd te maken en daarmee bewust op onze kwetsbaarheden inspelen zoals depressie, verveling, angst of verwarring. Van een kolos die hun moderators zonder schroom bloot stelt aan PTSS en een bedreiging is voor de democratie.

Gelukkig bleken mijn aarzelingen om te stoppen ongegrond. Heel af en toe is het onhandig om Whatsapp te missen, bijvoorbeeld in de communicatie met de ouders van vriendjes van mijn zesjarige zoon. Maar bellen en sms-en werkt ook en steeds meer mensen stappen over naar Signal.

En de vóórdelen bleken juist groter dan ik dacht. Niet alleen ben ik blij dat ik actief uit een systeem ben gestapt dat zoveel schadelijke kanten heeft. Ik voel vrijheid en autonomie, juist doordat ik me los gemaakt heb terwijl ik dacht dat ik niet zonder kon. En die fear of missing out, bleek een weldadige need of missing out. Als ik zie hoeveel berichten er bij de mensen om me heen hun telefoon instromen, realiseer ik me dat het een onverwachte zegen is dat mensen bij mij soms wat meer moeite moeten doen.

Is digitale privacy geen onderwerp om moedeloos van te worden? 

Ik heb de afgelopen weken tientallen artikelen gelezen over big tech, privacy en people harvesting. En ik werd er inderdaad niet blij van. Alles is nog erger dan ik al dacht en het lijkt soms onmogelijk om te ontsnappen uit de moerassen van Google en Facebook.

Maar dan lees ik op LinkedIn de reacties op mijn vraag over alternatieven voor Gmail en ik zie hoe het thema leeft. Ik ben niet de enige die los wil van Google. Opeens heb ik met allerlei mensen gesprekken over digitale privacy. 

Van moedeloosheid naar regie

Ik merk hoe waardevol het is om hierover te praten. Big tech en digitale privacy zijn enorm complexe onderwerpen en er is geen simpele oplossing als je het anders wilt.

Shoshana Zuboff zegt nadrukkelijk: “Het is vreselijk moeilijk om je goed voor te stellen wat Big Tech allemaal doet met onze data. En dat heeft een hele goede reden. Niet omdat we dóm zijn, maar omdat de processen worden gemaskeerd. Ze zijn expres ondoorzichtig en onherkenbaar gemaakt om ons, de zogenaamde gebruikers, onwetend te houden. Onze onwetendheid is hun fortuin.”

Kortom: het is complex en ondoorzichtig. Maar door erover te praten, kunnen we elkaar aanmoedigen en inspireren.

Zuboff: “Het surveillance capitalism is een nieuw fenomeen. Nu wordt pas duidelijk wat het inhoudt en we hebben nog helemaal niet geprobéérd het te beteugelen. Het surveillance capitalism is twintig jaar oud. Democratie is meerdere eeuwen oud. Ik geloof in de democratie.”

Ik verloor in mijn zoektocht bijna de moed. Maar dankzij alle gesprekken heb ik hoop. Ik geloof dat er een uitweg is, ook zonder digitale kluizenaar te worden. Ik ga nieuwe stappen nemen en de eerste is stoppen met Gmail. Wil jij dat ook? In dit blog zet ik de alternatieven voor je op een rij. 

P.S. Vraag je je af waarom ik me zo druk maak over dit onderwerp? Dat snap ik. In deze video geef ik je het antwoord. 

Niets missen? 

Ben jij een ondernemer met idealen en kun je wel wat hulp gebruiken bij het vertellen van jouw verhaal?
Schrijf je in en ik stuur je wekelijks inzichten over merkstrategie, storytelling en integere marketing. Welkom bij de club!